Hans Dulfer speelt vanaf 1957 in de big band van Theo Deken. In 1958 voegt hij zich bij het Clous van Mechelen Combo, in 1961 is hij lid van het Metropolitain Quintet. Halverwege de jaren zestig speelt hij met Willem Breuker en is hij lid van de Big Ballad Boogie Blues Beat Bounce Band. Dulfer speelt ook free-jazz met Peter Snoei.
Van 1968 tot 1969 leidt Dulfer de band Heavy Soul Inc..
Hij gaat ook de popmuziek door optredens te organiseren in Paradiso. Met Jan Akkerman maakt hij de plaat 'The Morning After The Third' in 1970, gevolgd door 'Candy Clouds' en 'El Saxofon'.
Eind jaren zeventig treedt Dulfer op met De Perikels, is hij bestuurslid bij Bimhuis, adviseur van het North Sea Jazz Festival en schrijft hij columns voor de OOR. Hij helpt Herman Brood in 1978 met zijn Cha Cha-project, en speelt weer geregeld met Barrelhouse. In 1980 verschijnt het boek 'Jazz In China'. In 1981 ontbindt hij De Perikels na het maken van 'I Didn't Ask'.
Met de formatie Reflud gaat Dulfer zich steeds meer toeleggen op elektrische freefunk. In 1983 staat Dulfer samen met Herman Brood op het North Sea Jazz Festival en speelt hij als gastmuzikant mee met de avantgarde-formaties Kiem en Nine Tobs. Vanaf 1989 gaat Hans zich steeds meer bezig houden met speed- en trashmetal. Een jaar later wordt hij aangesteld als directeur van Paradiso, wat hij een jaar doet. Hij begint de formatie Tough Tenors en presenteert voor de VPRO. In 1993 ontvangt hij de North Sea Jazz Bird Award. Hij maakt de dansplaat 'Big Boy' met de hit 'Streetbeats'. Naar aanleiding van het Japanse succes maakt Dulfer speciaal voor de Japanse markt 'Hyperbeat'. Een tournee in 1995 volgt.
In 1996 maakt hij weer een dansplaat met 'Dig!', weer een groot succes in Europa en Japan. Hij gaat weer op tournee door het Verre Oosten en staat op Roskilde. Het nieuwe album Skin Deep! kent ook big band- en drum'n'bass-invloeden. Dulfer presenteert in 1998 nog steeds voor de VPRO en heeft zijn jazzcombo. In '99 vertrekt Hans weer naar Japan. Een gepland optreden in China gaat door plotselinge politieke spanningen rond de Kosovo-crisis op het laatste moment niet door. Het album 'Papa's Got A Brand New Sax' verschijnt met daarop opnamen van een concert in Tokyo. Hij speelt mee op de soundtrack van de film 'The Delivery'.
2010 is het jaar dat Dulfer 70 wordt.
Trompettist Rob van de Wouw (1975) studeerde af aan Rotterdams Conservatorium in de zomer van 2003. Naar aanleiding hiervan kreeg hij van de stichting ‘Vrienden van het Conservatorium’ een stipendium vanwege ‘uitzonderlijke studieresultaten en artistieke kwaliteiten’. Rob studeerde bij trompettist Jarmo Hoogendijk, en volgde verder lessen bij o. a Benjamin Herman en Wim Both In 2002 volgde hij, op uitnodiging van Carnegie Hall, een week lang een workshop in New York, waar hij les kreeg van o. a. David Liebman, Stave Turre, Rufus Reid en Kenny Barron.
Sinds zijn afstuderen is hij een veelgevraagd muzikant/solist in uiteenlopende stijlen. Naast zijn eigen projecten speelt hij momenteel met de latin-jazz groepen Nueva Manteca en Bye-Ya en is regelmatig te zien in de Cubob City Bigband. Verder is hij medeoprichter van het Rotterdams Jazz Orchestra en is hij vaak te zien in clubs waar hij zijn ding doet op de beats van Dj’s.
Rob leidt samen met zijn ‘lifelong musical companion’ Louk Boudesteijn al jaren eigen groepen, waaronder momenteel het Louk Boudesteijn/ Rob van de Wouw-Quintet (B&W-quintet). Dit quintet speelde o. a. op North Sea Jazz festival, WorldPort Jazz festival, Jazz a Vienne (frankrijk) en Jazz in Duketown. In november 2002 deed het quintet mee aan de prestigieuze Carnegie Hall Professional Workshop voor Jazzensembles in New York. Hiervoor waren wereldwijd slechts zes ensembles geselecteerd en het B&W-Quintet was de enige Europese afvaardiging. Ter afsluiting hiervan gaf het quintet een zeer succesvol optreden in Carnegiehall. In mei van 2005 is de eerste cd van het B&W- Quintet “It’s about time” uitgekomen (Maxanter Records). Hierop zijn ook een aantal van zijn composities te horen.
In Januari 2007 is zijn eerste soloplaat verschenen getiteld: Reboot your Soul. Dit project begon onder de noemer Urban Jazz Sessions. Hiermee gaf Rob en zijn band ruim twee jaar lang, maandelijkse optredens in de Rotterdamse club Rotown. Op deze cd wordt hedendaagse R&B, Nu-classic soul en Hip Hop met Jazz gecombineerd. Denk aan ‘the Neptunes meets Miles Davis while d’Angelo meets Chet Baker.’

